Tweejarige master

 

Voorstel

Waarom?

Programma in het kort

 

Een voorstel voor een tweejarige master

De opleiding Taal- en Letterkunde heeft in oktober 2011 een aanvraag ingediend om haar Masteropleiding uit te breiden tot een tweejarige opleiding van 120 studiepunten. Ze deed dit in samenspraak met de andere Vlaamse universiteiten en hogescholen.

Begin juni 2012 heeft de Minister van Onderwijs echter alle voorstellen voor verlenging van de master afgewezen. Het is nu nog onduidelijk wanneer een tweejarige master in de Taal- en letterkunde zou goedgekeurd worden en beginnen. Zie ook hier.

 

Waarom dient de opleiding een voorstel in?

Binnen de opleiding - in Gent, maar ook bij de verwante opleidingen elders in Vlaanderen – is men het erover eens dat het huidige éénjarige programma niet volstaat om de meeste studenten tot een bovengemiddeld niveau te brengen.

Het programma van de eenjarige master schiet vanuit het perspectief van de student tekort op de volgende aspecten:

 -          aansluiting bij de arbeidsmarkt, zowel nationaal als internationaal

-          het garanderen van de nodige studietijd voor het schrijven van een volwaardige en competitieve scriptie

-          mogelijkheid tot internationalisering

-          coherente differentiëring van het programma tegenover de bachelor-opleiding

-          het bieden van de nodige wetenschappelijke verdieping om meteen in een onderzoekstraject te stappen, zowel nationaal als internationaal

 

Vooral met betrekking tot de kwaliteitsbewaking van de scriptie wordt de eenjarige master als een beperking ervaren. Terwijl studenten in het vroegere licentiesysteem reeds in eerste licentie aan de voorbereiding van hun eindwerk konden beginnen, wordt het vastleggen van onderwerp en afbakening van de vraagstelling in het huidige systeem vaak een werk dat pas bij het einde van het eerste semester van het masterjaar wordt gerealiseerd. Dat vermindert de uiteindelijke afwerkingfase drastisch. De invoering van een scriptieseminarie in het eerste masterjaar zal de opleidingsverantwoordelijken in staat stellen de opvolging van de werkzaamheden te verbeteren. De student zal door de aanwezigheid van een vrije ruimtekeuze in staat zijn de nodige keuzevakken op te nemen die bijkomende ondersteuning bieden bij de uitwerking van de scriptie.

Het tweejarige systeem zal de opleiding ook in staat stellen studenten tijdens hun eerste masterjaar naar het buitenland te sturen. Het buitenlands verblijf dient dan ook niet meer beperkt te blijven tot een semester, zoals in de huidige opleiding het geval is (dat semester ligt in het wintersemester van bachelor 3, omdat de studenten voor het afwerken van hun bachelortaak en het bijhorende begeleidingsseminarie aan de eigen instelling worden verwacht). Op die manier zal ook het buitenlandse verblijf makkelijker in dienst kunnen worden gesteld van de scriptie.

Het voorliggende voorstel beoogt tegelijk de academische verdieping die in een internationale context van vergelijkbare masterprogramma’s wordt verwacht en de aansluiting bij de arbeidsmarkt die wordt gerealiseerd door de indaling van bestaande opleidingen. 
Deze laatste worden op een harmonische manier geïntegreerd in de omvorming van het eenjarige naar het tweejarige programma: opleidingen als de Lerarenopleiding, de Meertalige Bedrijfscommunicatie, de Vergelijkende Moderne Letterkunde en de Journalistiek worden in de tweejarige master als profileringstrajecten ingebouwd (zie hieronder).

 

Wat houdt het voorstel tot een tweejarige master in?

 Het voorstel voor een tweejarige masteropleiding bevat vier componenten:

 De student kiest eerst voor een basisoptie uit vier mogelijkheden:  

  1. Taal- en Letterkunde: Twee Talen
  2. Taal- en Letterkunde: Een Taal
  3. Taalwetenschap
  4. Literatuurwetenschap

 

Het curriculum bestaat dan uit:  

(a) Elke student kiest een basispakket van 42 studiepunten ‘taalvakken’ binnen vier basisopties: 1. vakken taal- en letterkunde uit twee talen, 2. vakken taal- en letterkunde uit één taal, 3. vakken taalkunde/taalwetenschap, of 4. vakken letterkunde/literatuurwetenschap.

Alle studenten Taal- en Letterkunde hebben een verplicht basispakket van 42 stp / 7 vakken uit het aanbod van één of twee talen: Duits, Engels, Frans, Grieks, Italiaans, Latijn, Nederlands, Scandinavische talen, Spaans, waarmee uiteraard de taal of talen uit de Bacheloropleiding bedoeld zijn. Wie twee talen studeert, kiest voor elke taal voor minimaal 6 stp. aan taalkundige vakken, en voor minimaal 6 stp. aan letterkundige vakken. Wie één taal studeert, kiest voor die taal voor minimaal 12 stp. aan taalkundige vakken, en voor minimaal 12 stp. aan letterkundige vakken. Boven dat minimum is de student vrij om het accent meer op de taal- of de letterkunde te leggen. Studenten die opteren voor het traject taalwetenschap of literatuurwetenschap zullen hun basispakket volledig disciplinair invullen. Zij kunnen daarvoor ook een beroep doen op vakken uit de groepen algemene taalwetenschap en algemene literatuurwetenschap. 

 

(b) Elke student kiest een profileringstraject van 30 stp (voor onderwijs en meertalige bedrijfscommunicatie beslaan deze trajecten 48 stp.). De profileringstrajecten (die verder worden uiteengezet in 4.2.2.) hebben een van de in het decreet vastgelegde finaliteiten (onderzoek, onderwijs, professionalisering). Het gaat om het volgende aanbod

- Onderwijs

- Professioneel:     Meertalige Bedrijfscommunicatie

                            Literatuur in het culturele veld

                            Taal en journalistiek

- Onderzoek:        Literatuurwetenschap

                           Taalwetenschap

- Domein:             Eén taal (bij Engels valt daaronder ook het pakket American Studies)

                            Twee talen

In principe zijn alle Minoren toegankelijk voor alle Masterstudenten Taal- en Letterkunde. Alleen is het evident dat de Minor Twee talen (met vakinhoudelijke specialisatie voor de twee talen) niet toegankelijk is voor studenten die de afstudeerrichting Eén taal hebben gekozen en dat de onderzoeksminor taalwetenschap niet open staat voor een student die het basispakket literatuurwetenschap heeft gekozen en vice versa.

  

(c) Studenten die opteren voor de profileringstrajecten onderzoek, literatuur in het culturele veld, taal en journalistiek en de domeintrajecten hebben een pakket van 18 stp. vrije ruimte. Het gaat om drie vakken waarin de student naar eigen inzicht en voorkeur ofwel verbredende ofwel verdiepende vakken kan kiezen. Deze vrije ruimte kan vanzelfsprekend ook gebruikt worden om de gekozen profilering uit de profileringstrajecten verder uit te bouwen. Met de opname van twee supplementaire vakken (voor 12 stp.) is de student zelfs in staat een tweede profileringstraject op te nemen (18 stp. van de vrije ruimte + 12 stp. supplementaire vakken levert een bijkomend pakket van 30 stp. op). In de profileringstrajecten onderwijs en meertalige bedrijfscommunicatie zijn deze 18 stp. reeds geïntegreerd in het traject in kwestie. 

 

(d) Elke student wijdt 30 stp. aan de scriptie: 6 stp. seminarie en 24 stp. voor de eigenlijke scriptie.