![]() |
Prof. dr. Lars Bernaerts
Lars Bernaerts doceert moderne Nederlandse literatuur. Zijn vakken in de opleiding taal- en letterkunde gaan over de geschiedenis van het Nederlandstalige proza van 1820 tot heden, over de analyse van verhalende teksten en over recente ontwikkelingen in de Nederlandse literatuur. Hij publiceert, doet onderzoek en begeleidt ook onderzoek op die domeinen. In het bijzonder schrijft hij over hedendaagse romans, over literaire hoorspelen, over romancycli uit twintigste en eenentwintigste eeuw en over tegendraadse literatuur. Hij is lid van de KANTL en voorzitter van het Studiecentrum voor Experimentele Literatuur (SEL), dat hij samen met Hans Vandevoorde en Bart Vervaeck oprichtte. SEL richt zich op literatuur, vooral uit de twintigste en eenentwintigste eeuw, die afwijkt van de conventies en de mainstream. Die aandacht keert ook terug in de lessen. |
![]() |
Prof. dr. Youri Desplenter
Al in de lagere school, ergens in het midden van West-Vlaanderen, ontwikkelde ik een even onverklaarbare als grote obsessie voor alles wat met de middeleeuwen te maken heeft. Die nam met de jaren alleen maar toe. Voor ik in 1999 in Gent als Licentiaat in de Taal- en Letterkunde: Germaanse Talen (Nederlands- Duits) met een thesis over Middelnederlandse literatuur afstudeerde, had ik evenwel al het diploma van Geaggregeerde voor het lager secundair onderwijs (Nederlands-Geschiedenis-Duits) behaald. Begin 2004 rondde ik met succes een doctoraatsonderzoek af en werkte ik daarna, nog steeds aan de UGent, enkele jaren als onderzoeker. In 2010 werd ik er als professor benoemd. Ik doceer voornamelijk vakken over Middelnederlandse literatuur, maar ook Oudnederlands. Sinds een aantal jaar ben ik daarenboven erg bedrijvig binnen de Educatieve master. |
![]() |
Prof. dr. Yves T’Sjoen
Yves T’Sjoen is gewoon hoogleraar moderne Nederlandse en Afrikaanse literatuur. Hij is voorzitter van de onderzoeksgroep Gents Centrum voor het Afrikaans en de Studie van Zuid-Afrika (UGent) en coördinator van de Leerstoel Zuid-Afrika: Talen, Literaturen, Cultuur en Maatschappij van de UGent. Hij is betrokken bij de onderzoeksgroepen Teksteditie Literatuur in Vlaanderen, POWEZIE. Centrum voor Poëzie en TRACE (Translation & Culture). Daarnaast is hij als buitengewoon hoogleraar verbonden aan het departement Afrikaans en Nederlands van Universiteit Stellenbosch en research fellow in het departement Afrikaans en Literaire Theorie van UNISA (Pretoria). Hij is auteur van onder meer de essayboeken Breyvier. Over taal, burgerschap en Breytenbach (2023) en De ontdekking van het eiland. breytenbachiana (2025) die de academische opstellenbundel Kwintet. Literaire dialogen tussen Afrikaans en Nederlands (2023) flankeren. Over interculturele literaire vertogen tussen Afrikaans en Nederlands handelen verzamelde gevalstudies in Over grenzen / Oor grense (2009, i.s.m. Ronel Foster en Thomas Vaessens), Toenadering (2011, i.s.m. Ronel Foster) en Rakelings (2017). In 2026 verschijnt Twee overzijden. Gesprekken op de literaire brug tussen Afrikaans en Nederlands (Academia Press). |
![]() |
Prof. dr. Kornee van der Haven
Kornee van der Haven is lesgever en onderzoeker op het terrein van de Nederlandse literatuur van de vroegmoderne tijd. Dat is de periode vanaf de late zestiende tot het einde van de achttiende eeuw. In zijn onderzoek staat de geschiedenis van theater en poëzie centraal, met bijzondere aandacht voor de identiteitsvormende werking van literatuur, de relatie tussen literatuur en (militair) geweld, en de politieke functies van lyriek. Hij doceert het overzichtsvak in de bachelor over vroegmoderne Nederlandstalige literatuur, evenals een mastervak over vroegmoderne dilemma’s en hedendaags debat over thema’s als ecologie, landschap, (post-)kolonialisme en de stad. |
![]() |
Dr. Veerle Uyttersprot
Veerle Uyttersprot studeerde Nederlandse en Engelse taal- en letterkunde — toen nog ‘Germaanse filologie’ — in Brussel en Leuven. Ze specialiseerde zich in middeleeuwse literatuur en promoveerde op een onderzoek naar ironie in de Roman van Walewein en in de bredere Europese Arturtraditie. Haar onderzoeksinteresses liggen vooral bij de ridderepiek en de manier waarop deze verhalen zijn blijven doorwerken in latere tijden. Via haar colleges maakten vele generaties studenten kennis met het Middelnederlands en met onderzoek naar historische letterkunde. Ze werkte twintig jaar aan de KUBrussel maar is sinds 2008 verbonden aan de Universiteit Gent. Daar verzorgt zij de oefeningencolleges bij Nederlandse letterkunde (Middeleeuwen en Vroegmoderne Tijd). Ook studenten geschiedenis helpt zij hun weg te vinden in Middelnederlandse teksten in het vak Paleografie met tekstverklaring. |
![]() |
Dr. Helena Van Praet
Helena Van Praet doctoreerde op een proefschrift over de experimentele poëzie van de Nederlandse dichter-componist Rozalie Hirs en de Canadese dichter en classica Anne Carson. Momenteel werkt ze aan een postdoctoraal project over autotheorie, waarbij ze bestudeert hoe een autotheoretische impuls zich aftekent in de hedendaagse Nederlandstalige literatuur in dialoog met Noord-Amerikaanse voorbeelden. Ze staat open voor het begeleiden van masterproeven moderne literatuur op het gebied van de vergelijkende letterkunde (NL-ENG), de feministische literatuurwetenschap of over belichaming en cognitie, in zowel poëzie als proza, in ruime zin. |
![]() |
Dr. Martina Vitackova
Martina Vitackova is onderwijsbegeleider bij de masteropleiding in Gender en diversiteit en bestuurslid van het Gents centrum voor het Afrikaans en de studie van Zuid-Afrika. Ze is gepromoveerd in algemene literatuurwetenschap met haar proefschrift ‘Back to the Roots? Forming New Concepts of Women’s Identity in Contemporary Postcolonial Literature Written by Women in Dutch and Afrikaans’. Verder is ze medeauteur van de Geschiedenis van de Nederlandse literatuur in het Tsjechisch (2015). In haar onderzoek richt ze zich naar de representatie van vrouwelijke subjectiviteit in Afrikaanse en Nederlandse letterkunde en naar populaire romantische fictie. Binnen de opleiding begeleidt ze masterproeven met betrekking tot feministische literatuurwetenschap en/of Afrikaanse letterkunde. |
Doctoraatsonderzoekers |
|
![]() |
Jens De Rijbel
Jens De Rijbel (2001) is doctoraatsonderzoeker aan de Universiteit Gent. Hij onderzoekt hoe middeleeuwse steden zoals Brugge, Gent en Ieper werden voorgesteld in Middelnederlandse en Middelfranse literatuur van de 14de en 15de eeuw. In plaats van de “echte” stad te reconstrueren, bestudeert hij hoe steden vorm kregen in verschillende disciplines: in teksten, in historische bronnen en in archeologische interpretaties. Door deze perspectieven met elkaar te verbinden, laat hij zien hoe elk van die domeinen een puzzelstukje aanreikt dat helpt om literaire voorstellingen beter te begrijpen. Zijn onderzoek toont hoe beelden van de stad verweven waren met ideeën over macht, identiteit en gemeenschap, en biedt zo een verdiepend inzicht in de cultuur van de laatmiddeleeuwse Lage Landen. |
![]() |
Lander Kesteloot
Lander Kesteloot (°2000) is doctoraatsonderzoeker binnen de afdeling Nederlandse Letterkunde. Hij studeerde Nederlands-Engels aan de Universiteit Gent en behaalde nadien een master-na-master in de Literatuurwetenschappen aan de KU Leuven. Als FWO-aspirant doet hij onderzoek naar de receptie van markies de Sade (1740-1814) en de verbeelding van seksueel sadisme in de moderne Nederlandstalige literatuur. Verder is Lander prozaredacteur bij het literaire tijdschrift Deus ex machina. |
![]() |
Lisa Libbrecht
Lisa Libbrecht behaalde een bachelor Kunstwetenschappen en een master Vergelijkende Moderne Letterkunde aan de Universiteit Gent. Na haar studies was ze als onderzoeksmedewerker verbonden aan de Carl von Ossietzky Universität Oldenburg (Duitsland), waar ze meewerkte aan een project over de relatie tussen literatuur en (politieke en juridische) macht in het twintigste-eeuwse Nederland. Sinds januari 2025 is ze doctoraatsonderzoeker aan de Universiteit Gent. In haar onderzoek richt ze zich op hedendaagse auteurs van Nederlandstalige literatuur voor volwassen. Ze bestudeert welke plaats deze schrijvers innemen in de literaire wereld en hoe ze zich profileren, bijvoorbeeld via hun werk, interviews of de manier waarop critici en media hen voorstellen. |
![]() |
Lieselot Tuytens
Lieselot Tuytens behaalde een bachelor en master in de Taal- en Letterkunde (Nederlands – Engels) en is nu doctoraatsonderzoeker in de Zuid-Afrikaanse letterkunde. Haar onderzoeksinteresses omvatten literatuur geschreven door vrouwen, feminisme en intersectionaliteit. Die thema’s komen ook aan bod in het FWO-project (2023-2027) waarop ze werkt, getiteld ‘Kritische kruispunten. Een kritische discoursanalyse van de snijpunten van ras, gender, klasse, etniciteit, seksualiteit en daaropvolgende discursieve tegenreacties in vrouwelijke apartheidsverhalen’. Hierin onderzoekt ze de vormen van ongelijkheid, onderdrukking en/of privilege die Zuid-Afrikaanse vrouwen ervoeren tijdens het apartheidstijdperk door middel van de werken van Miriam Tlali, Nadine Gordimer en Welma Odendaal. |
![]() |
Alexander van de Sijpe
Alexander van de Sijpe (°1999) is doctoraatsonderzoeker binnen de afdeling Nederlandse Letterkunde. Hij behaalde de Master Taal- en Letterkunde (Nederlands-Engels) aan de Universiteit Gent (2021) en de interuniversitaire Master in de Literatuurwetenschappen (Katholieke Universiteit Leuven, 2022). In zijn doctoraatsproject onderzoekt hij de narratieve verbeelding van religie en seculariteit in Nederlandse romans van na 2000. Het corpus bevat werk van o.a. Charlotte Mutsaers, Connie Palmen, Lucas Rijneveld en Maarten van der Graaff. In 2023-2024 verzorgde hij de narratologieseminaries in IJkpunten (Ba1), in 2024-2025 doceerde hij over religie en literatuur in Thema’s en methodes (Ba3). |
![]() |
Maxime Van Steen
Maxime Van Steen (°1991) is doctoraatsonderzoeker en taallector Moderne Nederlandse Letterkunde. Ze begeleidt de werkcolleges van verschillende vakken. In de eerste bachelor geeft ze les in het vak ‘Nederlandse Letterkunde: IJkpunten’ en ‘Nederlands: Taalvaardigheid I’. In het eerste vak oefenen studenten de analyse van verhalen, in het tweede scherpen ze hun argumentatieve vaardigheden aan. In de tweede bachelor leert Maxime studenten poëzie te interpreteren (‘Nederlanse Letterkunde: Moderne Poëzie’) en in de derde bachelor laat ze studenten kritisch kijken naar het discours van literaire tijdschriften en de dynamieken in het literaire veld, vroeger en nu (‘Nederlanse Letterkunde: Modern Proza’). Ze doet zelf onderzoek naar (Vlaamse) cultuurtijdschriften, discoursanalyse en hedendaagse literatuur. In haar proefschrift stelt ze zich de vraag in hoeverre de jongerentijdschriften uit de jaren 1944-1950 functioneerden als een vormende ruimte voor beginnende auteurs. |
Educatieve Master |
|
![]() |
Ine Corteville
Ine Corteville is onderwijsdidacticus Nederlands in de Educatieve Master Talen. Samen met toekomstige leerkrachten verkent ze hoe het vak Nederlands boeiend en betekenisvol wordt voor jongeren vandaag. Hoe helpen we tieners aan het vertrouwen om zelf hun teksten te schrijven? Wat vertelt een historische tekst over hun leefwereld? Hoe houden we de stuiterfocus van leerlingen bij de les? Via lessen vakdidactiek Nederlands en praktijkstage begeleidt ze studenten tot het mooiste beroep dat er is: leerkracht Nederlands. Bij het Vlaams Talenplatform werkte ze mee aan projecten die onderzoek en klaspraktijk samenbrengen, waaronder Taaltrekkers (secundair onderwijs) en Klim in taal (lager onderwijs). Ze ontwierp ook mee de minimumdoelen Nederlands voor secundair, lager en kleuteronderwijs. Daarnaast staat ze met veel enthousiasme voor de klas als leerkracht Nederlands in het secundair onderwijs. Ine studeerde Taal- en Letterkunde Nederlands-Engels, behaalde een master Vergelijkende Moderne Letterkunde (2008) en het Diploma van Leraar (SLO, 2009) aan de Universiteit Gent. Haar drijfveer: nieuwsgierig ontdekken hoe de lezers en schrijvers van de toekomst denken. |
![]() |
Lieve De Bel
Sinds 2019 zet ik mij als onderwijsdidacticus met veel plezier in voor de vakdidactiek Nederlands. Kies je ervoor om leraar Nederlands te worden? Dan kom je me ongetwijfeld tegen tijdens de lessen, microteachings of stagebegeleiding binnen de educatieve master zowel in het geïntegreerd als in het verkort traject. Wat mij drijft? Studenten en startende leraren versterken in hun groei tot zelfbewuste, inspirerende leerkrachten Nederlands. Dankzij mijn combinatie van rollen, leerkracht secundair, mentor coach in de aanvangsbegeleiding en onderwijsdidacticus blijf ik dicht bij de klaspraktijk én bij jullie leerproces. Die mix zorgt ervoor dat ik jullie kan ondersteunen met een stevige portie praktijkervaring, actuele inzichten en een realistische kijk op het leraarschap. Ik blijf graag op de hoogte via vakdidactisch onderzoek, nascholingen en uitwisselingen met collega’s. Zo breng ik frisse ideeën en nieuwe perspectieven rechtstreeks naar jullie lessen en stages. Mijn grootste doel? De praktijkshock verminderen en ervoor zorgen dat jij met vertrouwen, vakkennis en ‘goesting’ je eerste stappen in het onderwijs zet. Ik kijk ernaar uit om samen met jou het vak Nederlands tot leven te brengen in de tweede en derde graad van het secundair onderwijs. |














